Hoop als drijfveer

Hoop is een sterk motiverende kracht voor ontwikkeling; dit project maakt de zeven verschillende dimensies van hoop meetbaar

Hoop is een krachtige en motiverende emotie. Mensen met hoop investeren eerder in de toekomst, willen samenwerken en zijn bereid om te veranderen. Daarentegen zien optimisten weinig noodzaak voor verandering en hebben pessimisten geen vertrouwen in mogelijke verbeteringen. Hoop kan dus een krachtig instrument zijn voor maatschappelijk verandering. Daarom wil de Goldschmeding Foundation deze emotie beter begrijpen.

Het project Hoop als Drijfveer vergroot op basis van wetenschappelijk onderzoek de kennis over de bouwstenen en de motiverende kracht van hoop. Daarnaast maakt het project hoop meetbaar door middel van een nieuw instrument: de Hoopbarometer. Beleidsmakers en bestuurders kunnen met de meetresultaten richting geven aan veranderingsprocessen.

Hoop als Drijfveer wordt uitgevoerd door onderzoekers van het Institute of Leadership & Social Ethics (ILSE) in Leuven en de Erasmus Happiness Economics Research Organisation (EHERO) in Rotterdam. In de eerste twee fases van dit project is het onderzoek naar het begrip hoop gestart en is de Hoopbarometer ontwikkeld.

In de huidige derde fase willen de onderzoekers de Hoopbarometer verder uitdiepen en verfijnen en als meetinstrument in verschillende gemeenten, maatschappelijke organisaties en bedrijven toepassen. Verder komen er naast metingen in Nederland ook metingen naar hoop in andere Europese landen.

Inmiddels is de Hoopbarometer in Nederland vier keer toegepast. Uit de laatste meting blijkt dat mensen in 2019 iets hoopvoller zijn geworden en uitkomen op een score van 6,3 (op een schaal van 1 tot 10). Begin 2018 stond de score nog op 6,1 en in 2017 was dat een 6,4. De Nederlander is iets optimistischer over de toekomst dan vorig jaar en dan met name over het leven in het algemeen en maatschappelijke voorzieningen zoals de zorg, het onderwijs en veiligheid. Ook is het vertrouwen in financiële instellingen toegenomen en zien we een kleine, maar significante, toename in het vertrouwen in vreemden, het leger en politieke partijen.

Er is ook een aanzienlijke groep Nederlanders niet hoopvol: 27% van de Nederlanders scoort lager dan een 5,5 op de hoop-index. Dit betreft vooral mensen van middelbare leeftijd, huishoudens met een laag inkomen, lager opgeleiden, en mensen die vaak eenzaam zijn of een slechte gezondheid hebben. Dit jaar is voor het eerst ook gekeken naar de relatie tussen hoop en inclusiviteit. En wat blijkt: mensen die zich niet betrokken voelen bij de maatschappij zijn ook minder hoopvol. We zien eenzelfde score (5,5) bij mensen die het gevoel hebben niet mee te kunnen komen in de maatschappij, de maatschappij onrechtvaardig vinden, zich gediscrimineerd voelen, weinig sociale contacten hebben of financieel beperkt zijn. Dit geldt voor 1 op de 10 Nederlanders.

Mensen die een onvoldoende scoren op de hoop-index vinden het minder vaak belangrijk anderen te helpen, zetten zich minder vaak in voor hun gemeenschap, doen minder vaak iets voor hun buren en recyclen minder. Door in te zetten op een meer inclusieve samenleving en door tolerantie te vergroten zullen mensen hun toekomst positiever zien, waardoor ze eerder geneigd zullen zijn om zich in te zetten voor de samenleving. En te handelen in het belang van de ander.

Foto’s: Indraneel Biswas en ILSE

Wil jij meer weten over Hoop?
Over "The World Book of Hope"

Hoop als vrijheid

Menselijk handelen, inspanningen en resultaten worden met name ondernomen wanneer mensen de overtuiging hebben dat dit hun toekomst positief zal beïnvloeden. In de economie kan hoop derhalve worden opgevat als vrijheid en de mogelijkheid tot ontwikkeling van de gehele mens. De mens wordt hierbij doorgaans begrepen als een rationele homo economicus.

Hoop als deugd

De christelijke theologie vindt de ultieme bron van hoop daarentegen in God. Hoop wordt gezien als één van de theologische deugden, naast geloof en liefde, welke zich samen richten op rechtvaardigheid en het geluk van de naaste. De mens vervuld hierbij een dubbele rol, enerzijds als gevallen zondaar en anderzijds als imago Dei, geschapen naar Gods evenbeeld

Hoop als overtuiging

Binnen de filosofie, kan hoop op uiteenlopende wijzen worden begrepen; onder andere als een sociale capaciteit, een krachtige emotie, een intellectuele activiteit verbonden aan de morele plicht, of als praktische deugd. Vanuit een economisch-filosofisch perspectief kan hoop bovendien worden gezien als de geïnternaliseerde overtuigingen die bepalen wat wij voor mogelijk houden en welke doelen wij stellen

Hoop als positief kapitaal

Hoop is een belangrijk thema binnen de ‘positieve psychologie’, een wetenschappelijke stroming die nadruk legt op de vaardigheden en kwaliteiten van ‘gezonde’ mensen. Hoop wordt hier gedefinieerd als een ‘psychologisch kapitaalmiddel’ dat bijdraagt aan flexibiliteit, weerbaarheid en probleemoplossend vermogen. Theorieën over hoop uit de positieve psychologie focussen doorgaans op de cognitieve, individuele en toekomstgerichte aspecten van hoop.

Wat wij hoop noemen beïnvloedt dus verschillende aspecten van ons leven; het verandert hoe wij denken, werken en hoe we omgaan met anderen. Om dit concept in al zijn complexiteit te begrijpen, zou het dan ook niet afdoende zijn ons te beperken tot het perspectief van één wetenschappelijke discipline. In dit project wordt gefocust op een wetenschappelijke dialoog tussen economische en theologische opvattingen van hoop, maar ook de psychologie en filosofie worden hierbij betrokken. Om met een dergelijke interdisciplinair concept te kunnen werken, moet worden gezocht naar zijn centrale en onderscheidende kenmerken van hoop. Hierbij kunnen we niet voorbij gaan aan de mens- en wereldbeelden die eraan ten grondslag liggen.

Er is een positief verband tussen hoop op de werkvloer, werktevredenheid en gezondheid

De weerbarstige en multidimensionale aard van het begrip hoop maakt het lastig om deze op systematische en adequate wijze te onderzoeken in de praktijk. Maar op basis van de bestaande ‘best practices’, aangevuld met inzichten uit de conceptuele verkenning, wordt het mogelijk om goede richtlijnen te formuleren om hoop te meten en zodoende een ‘hoopbarometer’ te ontwikkelen. In het project Hoop als drijfveer zal de hoopbarometer ingezet worden in een pilotonderzoek naar de ervaring van hoop en geluk onder medewerkers en hun functioneren binnen een organisatie.

Het thema ‘hoop’ overstijgt de grenzen tussen wetenschappelijke disciplines, mens- en wereldbeelden, maar ook de starre grens tussen objectieve wetenschapsbeoefening en de normatieve, menselijke werkelijkheid. Door met wetenschappelijke nauwkeurigheid te onderzoeken wat de structuur, voorwaarden en effecten van hoop zijn, beoogt dit project bij te dragen aan een toename van geluk, weerbaarheid, groei en innovatie.

Het project ‘Hoop als drijfveer’ is een samenwerking tussen de Evangelische Theologische Faculteit Leuven (Prof. Dr. Patrick Nullens) en de Erasmus Happiness Economics Research Organisation, Erasmus Universiteit Rotterdam (Dr. Martijn Burger).