The Hope Project

Hoop is een sterk motiverende kracht voor ontwikkeling; dit project maakt de zeven verschillende dimensies van hoop meetbaar

Hoop is een krachtige en motiverende emotie. Mensen met hoop investeren eerder in de toekomst, willen samenwerken en zijn bereid om te veranderen. Daarentegen zien optimisten weinig noodzaak voor verandering en hebben pessimisten geen vertrouwen in mogelijke verbeteringen. Hoop kan dus een krachtig instrument zijn voor maatschappelijk verandering. Daarom wil de Goldschmeding Foundation deze emotie beter begrijpen.

The Hope Project vergroot op basis van wetenschappelijk onderzoek de kennis over de bouwstenen en de motiverende kracht van hoop. Daarnaast maakt het project hoop meetbaar door middel van een nieuw instrument: de Hoopbarometer. Beleidsmakers en bestuurders kunnen met de meetresultaten richting geven aan veranderingsprocessen.

The Hope Project wordt uitgevoerd door onderzoekers van het Institute of Leadership & Social Ethics (ILSE) in Leuven en de Erasmus Happiness Economics Research Organisation (EHERO) in Rotterdam. In de eerste twee fases van dit project is het onderzoek naar het begrip hoop gestart en is de Hoopbarometer ontwikkeld.

In de derde fase hebben de onderzoekers de Hoopbarometer verder uitgediept en verfijnt en als meetinstrument in verschillende gemeenten, maatschappelijke organisaties en bedrijven toegepast. Verder komen er naast metingen in Nederland ook metingen naar hoop in andere Europese landen.

In 2020 zijn – in verband met de Covid-19 pandemie – specifieke vragen toegevoegd en 2 metingen uitgevoerd, in het voorjaar en in het najaar. Uit de laatste meting (november 2020) blijkt dat Nederlanders pessimistischer zijn geworden over de toekomst. Zo hebben we aanzienlijk negatievere verwachtingen over de gezondheidszorg, het onderwijs, veiligheid en het klimaat dan voor de coronacrisis. De mate van hoop heeft effect op het naleven van richtlijnen en de vaccinatiebereidheid van mensen. Hoopvolle mensen luisteren vaker naar het RIVM en het kabinet. Zij zijn ook eerder geneigd zich te laten vaccineren (67% versus 49%).

Mensen met hoop investeren eerder in de toekomst, willen samenwerken en zijn bereid om te veranderen. Hoopvolle mensen houden zich beter aan de regels en zijn ook vaker bereid zich in te zetten voor anderen, aangezien ze vaker geloven dat anderen dit ook voor hen doen. Op deze manier blijkt hoop een belangrijk maatschappelijk goed te zijn tijdens deze coronacrisis; we vinden hoop in elkaar, waardoor we ook eerder geneigd zijn ons meer voor elkaar in te zetten.

De coronacrisis zorgt over de hele linie dat Nederlanders de toekomst minder rooskleurig inzien. Het vertrouwen van Nederlanders in maatschappelijke instituten daarentegen is groter dan voor de corona crisis. De nationale overheid, financiële instellingen, politieke partijen, politie en religieuze instellingen genieten allemaal meer vertrouwen van de burger. Ook zorgt de crisis ervoor dat mensen wel het gevoel hebben dat ze steeds vindingrijker worden in het najagen van doelen, vertrouwen in elkaar en de buurt en in het bieden van hoop aan anderen.

“De Covid-19 pandemie laat zien hoe belangrijk de drijfveer ‘hoop’ is, in mensen; de sombere vooruitzichten over de toekomst leiden ons ertoe creatiever te worden, alsook meer met anderen samen te werken. Het toegenomen vertrouwen in maatschappelijke instituties betekent dat overheden meer zeggenschap hebben. Het is aan te raden dat zij dit krediet duurzaam gebruiken, onder meer door te investeren in een inclusievere arbeidsmarkt en samenleving.”
– Steven van den Heuvel van The Hope Project

Hoop en de bereidheid Covid-19 maatregelen te volgen

Covid-19 heeft sinds de meting van de hoop barometer die dit voorjaar werd gedaan meer impact op een grotere groep mensen. In het voorjaar ervoer 64% een negatieve impact, nu is dit opgelopen tot 71%. De overgrote meerderheid van de respondenten geeft aan dat zij doet wat ze kan om de verspreiding van Covid-19 tegen te gaan (89%). In hun gedrag laten mensen zich adviseren door het RIVM (78%) en het kabinet (70%). Naar familie, vrienden en de huisarts wordt minder geluisterd. Opvallend hierbij is dat hoopvollere mensen vaker bereid zijn zich aan de maatregelen te houden en vaker luisteren naar RIVM en kabinet. Ook de vaccinatiebereidheid onder hoopvollere mensen is aanzienlijk hoger dan minder hoopvolle mensen.

Werk en economie

Veel mensen zijn (een deel van) hun werk verloren of zijn onzeker over de toekomst. Tegelijkertijd is werk een belangrijke bron van stabiliteit en zingeving. Mensen zonder werk (werklozen en arbeidsongeschikten) scoren al jaren duidelijk lager op de hoopindex. Waar mensen in loondienst een 6.5 scoren en zelfstandigen een 6.4, scoren werklozen en arbeidsongeschikten gemiddeld slechts een 6.0. De toekomstverwachting van werklozen is zeer sterk gedaald sinds corona, veel harder dan die van werkenden.

“Mensen die hoopvoller in het leven staan zijn weerbaarder en vindingrijker. Hoop is een motor voor werk en economie en een belangrijke eigenschap om uit elke crisis te komen.”
– Aart de Geus, bestuurder van de Goldschmeding Foundation

 

Foto’s: Indraneel Biswas en ILSE

Wil jij meer weten over Hoop?
Over "The World Book of Hope"

Hoop als vrijheid

Menselijk handelen, inspanningen en resultaten worden met name ondernomen wanneer mensen de overtuiging hebben dat dit hun toekomst positief zal beïnvloeden. In de economie kan hoop derhalve worden opgevat als vrijheid en de mogelijkheid tot ontwikkeling van de gehele mens. De mens wordt hierbij doorgaans begrepen als een rationele homo economicus.

Hoop als deugd

De christelijke theologie vindt de ultieme bron van hoop daarentegen in God. Hoop wordt gezien als één van de theologische deugden, naast geloof en liefde, welke zich samen richten op rechtvaardigheid en het geluk van de naaste. De mens vervuld hierbij een dubbele rol, enerzijds als gevallen zondaar en anderzijds als imago Dei, geschapen naar Gods evenbeeld

Hoop als overtuiging

Binnen de filosofie, kan hoop op uiteenlopende wijzen worden begrepen; onder andere als een sociale capaciteit, een krachtige emotie, een intellectuele activiteit verbonden aan de morele plicht, of als praktische deugd. Vanuit een economisch-filosofisch perspectief kan hoop bovendien worden gezien als de geïnternaliseerde overtuigingen die bepalen wat wij voor mogelijk houden en welke doelen wij stellen

Hoop als positief kapitaal

Hoop is een belangrijk thema binnen de ‘positieve psychologie’, een wetenschappelijke stroming die nadruk legt op de vaardigheden en kwaliteiten van ‘gezonde’ mensen. Hoop wordt hier gedefinieerd als een ‘psychologisch kapitaalmiddel’ dat bijdraagt aan flexibiliteit, weerbaarheid en probleemoplossend vermogen. Theorieën over hoop uit de positieve psychologie focussen doorgaans op de cognitieve, individuele en toekomstgerichte aspecten van hoop.

Wat wij hoop noemen beïnvloedt dus verschillende aspecten van ons leven; het verandert hoe wij denken, werken en hoe we omgaan met anderen. Om dit concept in al zijn complexiteit te begrijpen, zou het dan ook niet afdoende zijn ons te beperken tot het perspectief van één wetenschappelijke discipline. In dit project wordt gefocust op een wetenschappelijke dialoog tussen economische en theologische opvattingen van hoop, maar ook de psychologie en filosofie worden hierbij betrokken. Om met een dergelijke interdisciplinair concept te kunnen werken, moet worden gezocht naar zijn centrale en onderscheidende kenmerken van hoop. Hierbij kunnen we niet voorbij gaan aan de mens- en wereldbeelden die eraan ten grondslag liggen.

Er is een positief verband tussen hoop op de werkvloer, werktevredenheid en gezondheid

De weerbarstige en multidimensionale aard van het begrip hoop maakt het lastig om deze op systematische en adequate wijze te onderzoeken in de praktijk. Maar op basis van de bestaande ‘best practices’, aangevuld met inzichten uit de conceptuele verkenning, wordt het mogelijk om goede richtlijnen te formuleren om hoop te meten en zodoende een ‘hoopbarometer’ te ontwikkelen. In het project Hoop als drijfveer zal de hoopbarometer ingezet worden in een pilotonderzoek naar de ervaring van hoop en geluk onder medewerkers en hun functioneren binnen een organisatie.

Het thema ‘hoop’ overstijgt de grenzen tussen wetenschappelijke disciplines, mens- en wereldbeelden, maar ook de starre grens tussen objectieve wetenschapsbeoefening en de normatieve, menselijke werkelijkheid. Door met wetenschappelijke nauwkeurigheid te onderzoeken wat de structuur, voorwaarden en effecten van hoop zijn, beoogt dit project bij te dragen aan een toename van geluk, weerbaarheid, groei en innovatie.

Het project ‘Hoop als drijfveer’ is een samenwerking tussen de Evangelische Theologische Faculteit Leuven (Prof. Dr. Patrick Nullens) en de Erasmus Happiness Economics Research Organisation, Erasmus Universiteit Rotterdam (Dr. Martijn Burger).